Zoeken
  • Dafne

Gaarkeuken

Bijgewerkt: apr 26

Het is weer tijd voor de Soup Kitchen. Vertaald is dat: gaarkeuken. Maar dat woord doet mijns inziens geen eer aan deze professionele keuken waar heerlijke, voedzame maaltijden worden bereid. Voor de verandering neem ik een andere bus, net zo snel, maar een andere route. De reis gaat dwars door Little India met een prachtig uitzicht op de drukke winkelstraten met een overvloed aan juweliers, kleermakers en oude winkeltjes in traditionele shophouses. Door de drukte in het verkeer komen we stil te staan, tot mijn grote vreugde uitgerekend vóór de Sri Veeramakaliamman Tempel. Een onuitsprekelijke naam voor een indrukwekkend monumentaal gebedshuis versierd met prachtige beelden van hindoegoden. Het is niet de enige bezienswaardigheid waar de bus langs rijdt. Al met al een kleurrijke tour en dat, omgerekend, voor maar 1 euro en 5 cent. Het openbaar vervoer hier in Singapore is niet alleen goed georganiseerd, maar dus ook nog eens spotgoedkoop.

Om 12 uur meld ik me bij de ingang van de Soup Kitchen. Spring komt net aangelopen en de meeste vrijwilligers zijn er al, maar niet iedereen, dus het is weer wachten. Ik kan het niet nalaten om mijn ergernis hierover aan Spring te uiten. ZIJN ZE HELEMAAL VAN DE POT GERUKT, STELLETJE LOSERS! ZEG ER EEN KEER WAT VAN! Dat lucht op. Maar Spring zegt dat het vrijwillig is en dat ze allang blij is als mensen komen helpen. Blijkbaar ben ik de enige die vindt dat vrijwillig niet vrijblijvend is. Tijdens de 20 minuten die we wachten op degenen die niet op komen dagen raak ik aan de praat met Mel, een vriendelijke, robuuste dame van tegen de zestig uit Pennsylvania die voor het eerst hier komt helpen. Ze draagt voor de gelegenheid een mooie Ralph Lauren blouse met lange mouwen en vraagt hoe het staat met de airco in de keuken. Huh? Airco? Er is hier geen airco, laat ik haar weten. Dan worden we meegenomen naar de keuken: we wassen onze handen, doen een haarnetje om, een schort voor en toch maar plastic handschoenen aan. We worden begroet door de opzichter van de keuken die even later in mijn oor fluistert: ‘Het is geen toeval dat wij elkaar ontmoeten. Boedha heeft je op mijn pad gebracht. Onthoud: Maitri, Karuna, Mudita, Upeksa.’* Oké, ik zal het onthouden. Vervolgens brengt ze ons naar een container met kip. De helft van de vrijwilligers blijkt nu ineens veganistisch te zijn. Ze beginnen te piepen en mogen wortels gaan snijden bij de groenteafdeling. Eigenlijk wil ik ook wel wortels snijden, maar ja, iemand moet de kip toch ter handen nemen en aangezien de temperatuur hier boven de 30 graden ligt mogen we ook wel een beetje opschieten. Straks veranderen de kippenbouten nog in een salmonella soep. Overigens is die hoge temperatuur ook de reden dat je hier geen mouwloze shirts mag dragen. Dan zou al dat okselzweet in het eten kunnen komen. (Maar, Mel, lange mouwen hoeft nou ook weer niet.) De opzichter trekt me mee aan m’n arm en zegt ‘Jij komt met mij mee’. We gaan samen achter een reusachtige gootsteen staan (alles is hier van industriële proportie). Ik moet kip afspoelen. Waar dat voor dient, weet ik niet, maar ik doe het braaf. Links van ons staan twee mannen kip in stukken te hakken: kop en poten er af en alles verdelen in kippenpoten en filetjes. En achter ons staan een paar mensen de door ons afgespoelde kip in kleinere stukken te snijden en te marineren. Na de kip komt er een container met vis die moet worden gesneden.

Moe maar voldaan vertrek ik eind van de middag samen met Mel naar de metro. We praten nog wat. Ik vertel dat ik een blog schrijf over Singapore en dat ik van plan ben om over vandaag te schrijven. Mel geeft aan dat ze in het bestuur van de AWA zit. ‘Kun je jouw blogstukje niet aanleveren voor ons AWA-magazine?’ vraagt ze. ‘Eh, nou ik schrijf in het Nederlands, maar ik kan een poging wagen.’ ‘Mooi’, zegt Mel, ‘dat is dan afgesproken’. ‘Maar ik neem iedereen op de hak’, werp ik nog tegen. ‘Ach’, zegt Mel, ‘dat is toch leuk’. Tja, en daar zit ik nu. Ik kan bovenstaand stukje (of m’n vorige stukje over de Soup Kitchen) wel naar het Engels vertalen, maar het is niet bepaald geschikt voor het gelikte Amerikaanse blaadje. Zo kan ik natuurlijk niet melden dat Willing Hearts midden in de hoerenbuurt ligt, dat je je helemaal de tering zweet in die keuken, dat ik me meteen de eerste keer al in m’n tengels heb gesneden, dat de blaren op je poten staan aan het eind van de dag en dat ik me kapot erger aan het feit dat mensen niet op komen dagen. Dat wordt flink herschrijven. Morgen is de deadline.



*Maitri = liefdevolle vriendelijkheid, Karuna = compassie, Mudita = mede-vreugde, Upeksa = gelijkmoedigheid

Zie voor verdere uitleg van de boeddhistische principes: Brahma Vihara - de 4 hartskwaliteiten uit het Boedhisme. (andereboeg.nl)


Mel heet in het echt anders.

39 keer bekeken3 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven

Danny